Leren is pas de tweede stap

Print
There are no translations available.

Onderstaande tekst is een samenvatting uit  "Kodo, ancient Ways" van K.Furuya, en is bedoeld als richtlijn, om duidelijk te maken dat een krijgskunst meer is dan technieken nadoen, het kan een leidraad voor het leven worden. Ieder haalt eruit wat hij kan, neem er tijd voor.

Leerlingen moeten voorbereid worden op het leren alvorens het eigenlijke leerproces kan beginnen. Eens een leerling de juiste mentale houding heeft en zich gedraagt volgens de etiquette van een krijgskunst, zal hij/ zij op eigen tempo en naargelang de geleverde inspanningen,  vorderingen beginnen te maken.

Vooral nieuwelingen maken dikwijls de fout om reeds op voorhand te beslissen hoe ze gaan trainen. Gevangen door deze vooringenomenheid betreffende wat "goed" en "slecht" is voor hem, vraagt hij zich reeds af: “hoelang zou het duren alvorens ik goed genoeg ben om een zwarte gordel te behalen?” Zulke vragen duiden erop dat de leerling zichzelf reeds beperkingen heeft opgelegd over een onderwerp ( martial arts) waar hij nog niets van af weet.

Krijgskunstbeoefenaars hebben dikwijls een ‘TV’mentaliteit, op en af zetten of van het ene naar het andere kanaal zappen als ze niks vinden dat hen kan boeien. Het zijn dan ook niet de trainingen die saai of hard of nog wat anders zijn, maar de vooringenomen ideeën of opvattingen die veel verwachtingen de grond in boren éénmaal men op de tatami staat. Dit gebeurt ongeacht welk niveau de leerling heeft.

Door tijdens de trainingen uw eigen verwachtingen op de voorgrond te zetten , vervalt het nut  ervan en worden oefeningen ‘krampachtig’ uitgevoerd . Dit resulteert in een slechte en/of onnauwkeurige samenwerking met je trainingspartner. De meeste studenten worden dan ook niet door hun tegenstander verslagen maar door de limieten die ze zichzelf, in hun hoofd, opgelegd hebben. Zolang je je hoofd niet  ledigt van alle bijkomstigheden( verwachtingen, dagdagelijkse beslommeringen, banaliteiten, enz.) zal je weinig of geen vooruitgang maken, met als gevolg dat je de volgende training weer met hetzelfde probleem zit. De doeltreffendheid van een techniek ligt niet in het aantal trainingen dan wel aan het spontaan uitoefenen ervan, enkel haalbaar door talloze herhalingen. Als je technieken zijn gebaseerd op conditionering( aanleren van bepaalde gedragingen door externe prikkels)d.w.z. enkel door het nadoen van wat anderen je voordoen zonder erover na te denken, of door ongeconcentreerd te trainen, zullen de technieken hun waarde verliezen, ze verliezen spontaniteit, snelheid , nauwkeurigheid en de mogelijkheid zich aan te passen aan veranderende omstandigheden. Conclusie: herhalingen brengen inzicht in de krijgskunst en verhogen de doeltreffendheid van de technieken.

Of iemand nu veel of weinig talent heeft in het herkennen van b.v. details in een oefening of in het onthouden van een reeks bewegingen , iedereen die met de juiste ingesteldheid ‘kijkt’ zal sneller vorderingen maken en meer plezier beleven aan een training. Wanneer je echter naar een oefening kijkt en tegen jezelf zegt” oh, dat heb ik al eens gezien” of “ zeg, dat ken ik al” ,  sluit je je hersenen al af om nog op een onbevooroordeelde manier te kijken. Een aandachtige leerling kijkt naar wat er voorgedaan wordt als was het de eerste keer dat hij het zag. Leerlingen die dus een gezonde houding hebben zullen tijdens een training niet te vlug door de mand vallen.

Teveel zelfvertrouwen, een te hoge dunk en een eigenzinnige houding brengen het leerproces meestal tot stilstand. Leerlingen die denken alles al te kennen/ kunnen, of zich kleinerend uitlaten over medestudenten,  zullen nooit bijleren maar een probleem vormen in de dojo. Anderzijds is ook medelijden hebben met jezelf geen  juiste weerspiegeling van je daden,  het vinden van hoe je echt bent vraagt een lange tijd van gedreven en oprechte studie.

Mensen hebben dikwijls een ideaalbeeld  omtrent een krijgskunst vanwege films of televisie, geruchten of boeken en zijn dan ook ontmoedigt dat niet alles gaat zoals het werd voorgesteld.

Hou je geest open , stel zelf geen regels op van wat kan en wat niet, heb geen al te hoge verwachtingen maar hou er rekening mee dat trainen meestal hard werken is en steeds dezelfde dingen opnieuw doen. Op een bepaald moment zal je dan een vaag begrip ontwikkelen wat martial arts inhoud. Vergeet de illusies die je maakte toen je begon, vergeet de hoogte van de lat die je jezelf oplegde, “maak je hoofd leeg, leg het opzij, en train dan”.

Een oud verhaal gaat als volgt : een befaamd professor ging op bezoek bij een bekend zen monnik om hem te interviewen. Toen ze tegenover elkaar zaten begon de monnik thee te schenken. Doch hij bleef maar gieten tot het tasje overstroomde en alles op de grond liep. De professor riep verrast door deze daad: ’wat doe je nu,’. ‘thee inschenken’ zei de monnik kalm. ‘Kijk’: zei hij verder:,’ jou hoofd zit zo vol als deze tas thee, vol met je eigen ideeën zodat er geen meer bij kunnen. Maak je hoofd leeg, dan kunnen we beginnen”. 

Wat nu volgt is de ‘normale’ gang van het leerproces: in het begin neem je elk woord dat de leraar zegt goed in je op en probeert het na te doen, geleidelijk bekomen we dan een beetje bekwaamheid zodat we onszelf  kunnen verbeteren wanneer nodig. Enige tijd later voegen we daar onze ervaring bij en na nog meer hard werk mixen we dit alles tot een goed uitgevoerde oefening. MAAR, dit zal enkel zo zijn als we deze wijze van trainen volgen elke training van begin tot einde, en ook onze visuele inbeelding steeds goed meewerkt.  Een wijs student kent het verschil tussen iets dat uit zijn hoofd voortkomt, dat niet echt is, en iets dat door ervaring wordt voortgebracht( wat wel echt is) . Dat is de realiteit van trainen, het begin wordt gemaakt op de tatami, niet in je hoofd, maar het gaat verder naast de tatami, in je dagelijks leven. Denk aan de zin een beetje hogerop in de samenvatting: “ maak je hoofd leeg, leg het opzij, en train dan”. Train niet met je hoofd, leg het bij  je kleren in de kleedruimte (figuurlijk) doe je gi aan, ga de dojo binnen, groet bescheiden,  vergeet alles om je heen, en werp je met lichaam en geest op je training. Streef naar een zo hoog mogelijke standaard voor jezelf, een open geest zoals bij aanvang van je training, dit heet een : beginnergeest . Dit is de juiste houding wil je blijven bevorderen tot je uiteindelijk in aanmerking komt voor de zwarte gordel, niet het aantal juist uitgevoerde oefeningen, niet  de juist gedemonstreerde kata’s, en zeker niet het aantal uren training die achter je liggen. Het in aanmerking komen voor een zwarte gordel draait enkel om je houding, het is een kwaliteit die je uitstraalt en die valt niet te meten. Je gedrag binnen én buiten de dojo, je houding tegenover je leraar en je medestudenten, je doelstellingen in het leven, de manier waarop je tegenslagen verwerkt en hoe je volhard in je training zijn allen doorslaggevend.

Wanneer je beseft dat de zwarte gordel lang niet zo belangrijk is als het trainen zelf, kom je aardig dichtbij het niveau van een echte zwarte gordel. Wanneer je inziet dat ongeacht hoe hard je ook traint er nog een gans leven van studeren en oefenen voor je liggen, heb je de juiste ingesteldheid vast. Train hard, wees bescheiden, loop niet te koop met je talent, klaag niet over een opgedragen taak en probeer je best te doen in alle facetten van je leven. Dat is wat het betekent een zwarte gordel te dragen.

Bekijk het alsof je die zwarte gordel verloren hebt, niet gewonnen. Sawaki Kodo, een Zen meester, zei dikwijls:” Winnen is afzien, verliezen is mentale verlichting”. Het verschil tussen beoefenaars van krijgskunsten vroeger en nu kan je als volgt samenvatten: vroeger bekeek men training als een verlies, zij gaven alles op om te kunnen trainen, hun geld , job, familie en vrienden, alles om het ultieme te kunnen waarmaken. Heden ten dage beziet men trainen als iets dat wat moet opbrengen, we willen wel trainen maar ook een goede job, een mooi huis, een dure wagen, gewoon omdat iedereen het heeft. We moeten niet zo drastisch handelen zoals velen vroeger deden, toch moeten we hun geest en hun doorzettingsvermogen niet vergeten. Iedereen moet wel eens iets opofferen om aan trainen niet te verzaken.

Wanneer een student zijn training beziet als een ‘verlies’ in plaats van een ‘voordeel’ komt hij weer een stap dichter bij de juiste geesteshouding die passend is voor een zwarte gordel.

Wees nederig, nobel, zorg voor anderen en plaats anderen voor jezelf. De studie van een krijgskunst is de studie van je zelf: De studie van jezelf is jezelf vergeten, jezelf vergeten is het begrijpen van alle dingen.”.

neem de tijd om dit alles te begrijpen, herlees het regelmatig, maar vooral…

probeer het toe te passen

 

Sensei Denis.

There are no translations available.

Om met ons alle eens een uitstap te doen, organiseren we een snoepverkoop. lees meer...